Wildstrubl, Zwitserland

[reisverslag] [skifoto's]

Karakter van de reis

karakter van de week: combinatie van off-piste skiën en toerskiën met 16 deelnemers en 2 berggidsen in Zwitserland. Gestart is in Leysin waarna een toer wordt gemaakt via Diablerets, Lenk, over de Wildstrubl, Zweisimmen, Gstaad naar Chateau d'Oex (oorspronkelijk zou deze groep naar de Dolomieten gaan, maar vanwege het slechte sneeuwdek aldaar is de heleboel omgezet en is voor Zwitserland gekozen). Het werd een zeer afwisselende week, met overnachtingen in een chalet, een hotel, een jeugdherberg en gewoon in berghutten. Verder werd soms gebruik gemaakt van liften, soms werden de vellen onder gebonden en één keer hebben we gebruik gemaakt van de helikopter.

deelnemers 16x: Francoise, Bert, Taco, Maarten, Roel, Horst, Tikan, Annetje, Maarten, Alfred, Jan, Karel-Jan, Katrien, Mirjam, Tessa, Jim; gidsen Edward en Steve

Zondag 5 maart. Om 8.00 uur 's-morgens opgehaald door Bert waarna we zonder oponthoud ruimschoots op tijd aankomen in Leysin. We maken kennis met de deelnemers en de gidsen en gaan 's-avonds uit eten in een gezellig restaurantje. We bevinden ons in goed gezelschap met drie artsen voor het geval er iets fout mocht gaan en drie advocaten ....... voor het geval er iets fout mocht gaan.

We overnachten twee maal in het luxe chalet Ermina van Ariane. In het chalet mogen we gebruik maken van de ruime huiskamer van Ariane. Zij heeft het chalet in eigendom en verhuurt er kamers op Bed & Breakfast basis. Ze woont samen met de gasten gewoon in hetzelfde ruime chalet. Naast de drie kamers die zij verhuurt is er nog een ruim appartement te huur en kan je gebruik maken van de sauna.

Maandag 6 maart. Het is schitterend weer, de temperatuur redelijk laag nog (in de loop van de week zal het wel warmer worden) en er ligt hier erg veel sneeuw, van goede kwaliteit, dat betekent veel skiplezier. In de ochtend met de hele groep geskied en al snel wordt duidelijk dat de skinivo's behoorlijk uiteenlopen.

We klimmen naar de achterkant van Leysin, over een smalle richel waaronder een vrij steile helling; voor sommigen onder ons een redelijk enge aangelegenheid. We skiën voor het eerst off-piste en dat blijkt toch weer even wennen. De sneeuw is nog goed maar wordt hier en daar al wat zacht, zwaar en papperig. Hierna binden we de vellen onder en klimmen op eigen kracht naar boven, vanwaar een schitterende afdaling volgt die ons weer bij de pistes en liften brengt. Tijdens de lunch deel ik nog een spekkoek uit, waarna de gidsen een splitsing aanbrengen in een snelle en een snellere groep.

Na afloop eerst wat boodschappen halen, vnl. wijn en bier, en dan weer lekker eten in een restaurant hoog in Leysin.

Dinsdag 7 maart. Een aantal deelnemers huurt vanaf vandaag fatski's, zodat het skiën buiten de piste hen ook wat makkelijker afgaat. Ik heb dat vorig jaar al mogen ervaren en ski nu op de Rossignol Bandits, lekker breed en getailleerd. Terug naar de oude traditionele rechte toerski's........ geen denken aan.

We pakken vandaag de rugzak in, want we gaan een dag of 5 op stap. Halverwege de week komen we nog wel een keer in een plaatsje Lenk, waarnaar toe we bagage kunnen zenden met de post. Dan hebben we weer schoon ondergoed, schone sokken e.d. tot onze beschikking. Dus de rugzak kunnen we erg licht pakken (doen sommigen niet, want ik zie 's-avonds in de hut spijkerboeken en gymschoenen verschijnen, verder komt er bij een aantal heel wat etenswaren uit de rugzak, hetgeen wij allemaal toch ook wel weer kunnen waarderen), we hoeven niet eens een gordel en stijgijzers mee te nemen. Het gaat dus alleen om wat ondergoed, reservesokken, extra fleecetrui, een muts, sjaaltje, reservehandschoenen, skibril, zonnebril, reddingsdekentje, waterflesje of thermos, sporttape, zakmes, een lawineschop of -sonde, een lawinepiepsapparaat, en voor de liefhebbers wat proviand, fototoestel, zeep en handdoekje. De gidsen beschikken verder over EHBO, radio, kaart, kompas, GPS, touwen, klimmateriaal e.d. Francoise wint zonder enige twijfel de wedstrijd van de lichtste rugzak !

We verlaten Leysin en rijden naar Diablerets waar we de auto's voor 5 dagen onderaan de grote kabinebaan zullen parkeren. In twee etappes worden we omhooggetild van 1000m naar 3000m en staan we bovenop de gletsjer van Diablerets. De groep wordt gesplitst waardoor we flexibeler zijn en er minder op elkaar hoeft te worden gewacht. Ik zit bij Edward in het groepje en we moeten op 3000m even een stukje lopen. De ski's op de rug en een stukje stampen op de sneeuw, zodat we een afdaling kunnen maken die aan de achterkant van het gebied begint. Volgens Edward één van de klassieke afdalingen in de Alpen, hoogteverschil 2000m. Ik denk inderdaad dat dat niet teveel gezegd is, het is een immense afdaling, indrukwekkend en gevarieerd. We komen allerlei soorten sneeuw tegen en bevinden ons in zeer afwisselend terrein. We starten met prachtige losse poedersneeuw, maar dit verandert gaandeweg in korstsneeuw en zware pap. Het wordt duidelijk dat het van belang is waar je skiet, er zijn stukken die heel zwaar en moeizaam gaan, die hebben blijkbaar meer last van de zon, en er zijn ook nog volop goede hellingen te vinden, die wat meer beschut liggen. Het is dus zaak in het spoor van Edward te skiën, want met zijn ervaring weet hij altijd de best beschikbare sneeuw te vinden. Zonder gids is het sowieso niet aan te raden om deze afdaling te maken, want je begeeft je deels op een gletsjer en je moet verder de juiste route kennen, om niet te verdwalen. Een enkele keer kunnen we niet skiën, maar moeten we langzaam op de ski's omlaag rutschen over smalle paadjes soms langs steile afgronden. We eindigen deze geweldige afdaling na een lange traverse over een pad resp. langlaufloipe in Les Diablerets, waar we de skibus nemen die ons weer terugbrengt bij de kabinebaan. We zijn lekker moe geworden, bijv. Maarten, één van de beste skiërs van de groep, heeft erg veel energie verbruikt, meteen al in het eerste gedeelte van de afdaling. We verwennen onszelf dan ook met een stevige lunch.

Eind van de middag gaan we op zoek naar de berghut, die hoog in de bergen is gelegen op zo'n 2700m. Deze hut is privé-eigendom van de plaatselijke skivereniging en was dit seizoen nog niet opengeweest. Speciaal op ons verzoek is de hut uitgegraven, en kunnen we er 's-avonds genieten van een overheerlijke kaasfondue. De lucht is glashelder, en we kunnen dan ook van een prachtige sterrenhemel genieten (maar ook van een beetje kou in de hut zelf).

Woensdag 8 maart. We laten 's-morgens vroeg de thermosflessen vullen met thee, binden de vellen onder de ski's en lopen een uur over de gletsjer van Diablerets omhoog naar een plateautje waar we op de helikopter wachten. Door omstandigheden (grote afstand, niveau van de groep) is besloten om een keer gebruik te maken van een helikopter om zo een aanzienlijk stuk te overbruggen, wat anders teveel tijd zou kosten. Een aantal deelnemers heeft het niet zo op het inhuren van een heli, maar achteraf blijkt iedereen toch erg enthousiast te zijn over de vlucht. Voor de meesten is het de eerste keer, en dat met windstil weer en glasheldere lucht...... een prachtige ervaring, zo zwevend boven die machtige besneeuwde bergwereld.

De heli zet ons af bovenop de Wildhorn, waarna een afdaling volgt van zo'n 1000m. Misschien wel de mooiste afdaling van deze hele week, want we skiën top-to-bottom op nagenoeg ongerepte poedersneeuw. Na deze afdaling gaan de vellen wederom onder en klimmen we opnieuw een uurtje om uit een klein dalletje te komen. Daarna dalen we af richting Lenk en omdat we steeds lager geraken en de temperatuur stijgt wordt de sneeuw allengs minder van kwaliteit. Helemaal onderin ligt er gelukkig wel genoeg sneeuw, maar deze is zeer zwaar, nat en papperig. Veel deelnemers hebben hier veel tijd nodig om af te dalen. Om 14 uur komen we aan bij een restaurant, waar we lunchen, waarna een taxi ons bij de volgende overnachtingsplaats brengt. Het is een enorm groot complex, bestemd voor grote groepen kinderen. Gebouwd in de jaren 70 doet het haast denken aan een Russische kazerne met enorme eetzalen en op de begane grond grote stalen deuren, waarachter de Zwitsers denken veilig te zijn in geval van een atoomramp.

Het eten wordt gemaakt in een soort gaarkeuken en gaat er net mee door. Wij slapen met de groep op een ruime slaapzaal.

Donderdag 9 maart. Het heeft de hele nacht geregend en de temperatuur is erg hoog voor de tijd van het jaar. Dat heeft duidelijk effect gehad op de kwaliteit van de sneeuw. We skiën dan ook noodgedwongen eerst veel op de pistes van Lenk, wederom in twee afzonderlijke groepjes. Met de bus gaan we naar ........, waar we de groep van Steve weer ontmoeten bij een restaurantje, gelegen op een hoogvlakte waarop een langlaufloipe is uitgezet. Hier tref je een heel vreemdsoortige sleeplift aan, het is een soort lange dikke tuinslang waaraan je vast moet houden om van de ene kant van de vlakte naar de andere kant te komen. Het restaurantje is ook heel grappig, ze verkopen er spaghetti in een plastic bakje, dat eerst zorgvuldig met een elektronische weegschaal wordt gewogen alvorens het aan de betalende klant beschikbaar wordt gesteld.

Na de lunch eerst een stukje met de lift en dan weer vellen te voorschijn. We klimmen een lekker stukje en zien net als gisteren weer wat gemzen in de sneeuw en op de rotsen. Steve loopt voorop en het tempo is met hem altijd gematigd, maar wel gestaag. Als we de pas bereiken, moeten we een kort maar venijnig steil stukje afdalen, hetgeen niet skiënd gebeurt. Steve en Edward leggen een touw aan, die we kunnen vasthouden als we de helling abseilen. Het is even wennen, sommigen vinden het best wel eng, maar het gaat uitstekend. Natuurlijk neemt het wat tijd in beslag, we zijn immers met 18 personen, en de één is nu eenmaal wat sneller dan de ander.

Het skiën naar de hut gaat door behoorlijk zware, dikke sneeuw en zo hier en daar gaat er iemand dan ook onderuit, hetgeen veel energie kost om weer op te staan. We skiën vaak om en om een heel eind uit elkaar, vanwege vergroot lawinegevaar. Bepaalde hellingen zijn risicovol, zeker als je er met veel mensen tegelijk op begeeft, dan zou de druk op het sneeuwdek wel eens te groot kunnen worden.

Het laatste stuk naar de hut gaat weer omhoog met de vellen onder de ski's. De hut is toevallig vandaag tot de nok vol bezet. Het is een splinternieuwe hut met luxe slaapzalen, veelal voorzien van donzen dekbedden. Er is mooi sanitair met zelfs gewone doorspoel-wc's.

Vrijdag 10 maart. Het is niet zulk mooi weer deze ochtend, maar de voorspellingen zijn goed, dus doen we met veel optimisme gepaard vanuit de hut al meteen de vellen onder. Jan heeft de grootste moeite met vellen, want hij heeft te brede ski's en moet het dan ook doen met harscheisen. Bert is vandaag ook in goeden doen, hij beweegt zich voortdurend voor de gids Steve uit, of is steeds naast of buiten het spoor te vinden waarover iedereen naar boven klimt.

Het weer blijft troebel die ochtend en we mogen dan ook helaas niet zien over welk een steile wand we omhoog klimmen richting de top van de Wildstrubel (3250m). Deze berg moet ook heel indrukwekkend zijn, groot, breed en dominant. Maar helaas, we mogen er geen getuige van zijn. De zon wil maar niet doorbreken. We doen zowat 3 uur over de klim naar de top, waar we maar kort verblijven. Voordat we goed en wel de afdaling kunnen inzetten richting Lenk moeten we eerst een traverse overbruggen o.a. over een vrij smal graatje, misschien 2 meter breed, waar je maar beter niet af kunt vallen, want rechts en links gapen diepe afgronden met steile wanden naar beneden. Maar gelukkig voor de angstig uitgevallen lieden in de groep: het zicht is nog steeds niet goed te noemen, dus zie je er niets van.

De afdaling die ons te wachten staat is opnieuw van enorme afmetingen en overbrugt een hoogteverschil van 2250m. We doen er al met al zowat 3 uur over. We doen het rustig en beheerst, want we bevinden ons toch in het ongerepte hooggebergte, met gletsjers, alle mogelijke soorten sneeuw en soms redelijk steile stukken, ver weg van geprepareerde pisten en skiliftensystemen. Soms kruisen we een lawine en menigeen heeft moeite om voortdurend op de been te blijven. Gelukkig komt eindelijk de lang verwachte zon terug en dat maakt het allemaal wel een stuk prettiger. We krijgen steeds meer contrast en dat compenseert weer de moeilijke sneeuw waar je soms doorheen moet ploeteren. Zoals zo vaak gaat het laatste stuk over een pad en over weilandjes. Daar moet je gewoon je ski's rechtuit laten glijden, je snelheid wel onder controle houden, maar niet al te veel rare bochten willen draaien. Helaas maakt Maarten een lelijke val en vliegt van het pad af in een soort greppel, waarna zijn lichaam wordt bedolven onder een gigantische brok sneeuw. Hij kan zich geen vin meer verroeren en dreigt te stikken. Gelukkig bevinden Steve en Tikan zich in de onmiddellijke nabijheid en raken niet in paniek. Ze graven hem zo snel mogelijk uit, eerst het gezicht, zodat hij adem kan halen. Ze zijn behoorlijk onder de indruk, hetgeen duidelijk aan de bezorgde gezichten is af te lezen.

We worden vervolgens met een taxi verplaatst naar Zweisimmen, waar we op 1500m hoogte slapen in een hotel bij het middelstation van de gondellift. Het is erg gemoedelijk en gezellig, vooral nadat we de hele zooi in het restaurant hebben verbouwd, onder bezielende leiding van Jan, onze charmeur. En ook nadat we errug veel drank hebben besteld en weggewerkt.

Zaterdag 11 maart. We nemen afscheid van Mirjam, die vandaag al weer afreist naar haar woonplaats Rome. We skiën met het mooiste weer van de wereld, deels op de piste en deels off-piste. Met zo hier en daar een klein stukje klimmen bereiken we toch nog ongerepte sneeuw, die ondanks de hoge temperaturen, best goed van kwaliteit is. Het plan is om de tocht te eindigen in Rougemont, hetgeen best ver blijkt te zijn. We moeten daarvoor nog een stukje met de trein resp. bus meerijden om via het liftensysteem van Gstaad bij Rougemont aan te komen. Het wordt jakkeren over de piste; best wel lekker, nu eens weer een wat hoger tempo. Steve is heel enthousiast deze middag en vertelt van alles over de bergwereld in deze streek. Er zijn zoveel mogelijkheden hier voor korte en middellange toertochten, zegt hij. Je wordt heel enthousiast gemaakt en dat juist op het moment dat de week ten einde loopt.

We arriveren die avond in een keurig hotel in Chateau d'Oex. We nemen afscheid van de gidsen (snik, snik) en genieten van een voortreffelijk diner, het beste wat we deze week voorgeschoteld hebben gekregen. Na het diner verlaten ook Roel, Horst, Tikan en Annetje ons. Zij vertrekken nog diezelfde nacht naar Nederland, wat mij wel erg zwaar lijkt, vooral als je de hele dag nog zo lekker hebt geskied. Met de rest van het clubje wordt nog even nageborreld in het dorpje Chateau d'Oex.

Zondag 12 maart. De vakantie zit erop, Bert en ik hebben geen afscheid kunnen nemen van de rest, we waren net te laat uit bed. De anderen waren zojuist vertrokken met auto resp. trein.

 

Helaas Alpen, wij moeten naar huis, maar als het aan mij ligt kom ik weer zo snel mogelijk terug.