Picos de Europa, Spanje

Een door SNP georganiseerde groepsreis in Noord-Spanje. Het is een rugzaktrekking van 16 dagen waarbij de eerste week vooral is ingevuld met dagwandelingen en de tweede week door meerdaagse wandeltrekkings met veelal kamperen in het wild.
De Picos is een schitterende hooggebergte heel dicht aan de kust gelegen en als gevolg daarvan is het wel een erg vochtig gebied. Wij hadden overigens geluk met maar enkele regendagen. Het gebied is erg geschikt om te wandelen, zeker als je van grote hoogteverschillen houdt en het leuk vindt om hier en daar wat te klauteren. Om dwars door het gebied te trekken heb je wel bergervaring nodig en moet je goed de weg kunnen, en moet je ook weten waar je in het wild kunt kamperen en waar geschikte waterbronnen zijn, want het centrale deel is weinig toegankelijk en niet voorzien van campings of andere accommodaties. Voor ons was dat allemaal heel gemakkelijk, want dat konden we allemaal overlaten aan de snp-reisleider.
Wij sliepen in kleine lichtgewichttentjes van SNP en hadden nagenoeg al het eten (eveneens lichtgewicht) meegenomen vanuit Nederland.
Uit de reisbeschrijving van SNP
Langs de noordkust van Spanje, grenzend aan de Golf van Biskaje liggen de Spaanse provincies Cantabrië en Asturië. In deze groene provincies liggen twee van de ruigste gebergten van Europa: Sierra de Covadonga en de Picos de Europa. De tot boven de 2500 meter reikende toppen vormen een bijna onneembare barrière voor mensen en dieren en aan beide zijden is de wereld daarom totaal verschillend. Deze twee streken met elkaar te verbinden via een trektocht dwars door het gebergte, is een uitdaging voor iedere geoefende rugzaktrekker.
Tijdens de eerste week wordt onze bagage vervoerd door taxi's, zodat onze inspanningen in dit lagere en warmere deel van de reis niet al te groot hoeven te zijn. In de tweede week zullen we een aantal dagen zelf onze bagage, watervoorraad en voedsel dragen, zodat we door kunnen dringen tot het wilde hart van de Picos.
In een kleine groep beginnen we deze tocht door schilderachtige dorpjes en uitgestrekte bossen ten zuiden van de Picos.
Na twee dagen stijgen we naar de droge, woeste hoogtes van het Nationale Park Covadonga, waar elke vorm van leven lijkt te ontbreken. We steken de bergketen niet over, daar dit meer dan een dag kost, maar laten ons per taxi naar het bergmeer Lago Enol brengen, waarna we de tocht in oostelijke richting voortzetten. Nadat we in de spectaculaire Careskloof zijn uitgekomen, trekken we door naar Posada de Valdeon, waar we genieten van een welverdiende rustdag. Daar doen we nieuwe energie op voor de doorsteek van de Picos de Europa, het hoogtepunt van deze reis. Over de hoogste kam, langs de 2519 m hoge Naranjo de Bulnes, trekt we naar de Costa Verde. Waar andere wandelaars zijn omgekeerd gaat wij verder. Met bepakking lopen we vier dagen langs kleine paadjes dwars door het hooggebergte.
Nadat we de Picos verlaten hebben scheiden nog twee bergruggen ons van de 'groene' kust. Deze bergruggen zijn echter nog zeer desolaat en nogmaals gaat de bagage voor twee dagen op de rug. Na deze laatste barrière eindigen we in het vissersplaatsje Llanes aan de groene en weelderige kust van Biskaje.
Klimaat
De Picos de Europa vormen de scheidslijn tussen het vochtige koel Atlantische klimaat en het warme en droge Spaanse klimaat. Tijdens de trektocht beginnen we in het warme klimaat. Overdag lopen de temperaturen op tot boven de 20C. De schaduw van de bossen maakt het hier toch aangenaam. Hoger in de Picos is het koeler en vooral 's-nachts is dat merkbaar, als de temperatuur tot on het nulpunt zakt. Verder naar het noorden wordt de kans op wisselvalliger weer groter. We naderen immers de Golf van Biskaje, het herkomstgebied van veel stormen. Een dag die hier met mooi weer begint, kan eindigen in een regenbui of mist. De temperatuur ligt hier tussen 15 en 25C en is aangenaam om in te lopen.
Zwaarte
De ruigheid van het terrein maakt de trektocht door Cantabrië tot een inspannende tocht. Van dag tot dag variëren de wandelingen in duur en zwaarte. We lopen 4 tot 8 uur per dag en overbruggen daarbij 500 tot 1200 meter hoogteverschil. De middagwarmte, de extra bepakking tijdens de twee trektochten en de soms smalle paden langs afgronden maken de tocht extra pittig.
Door het hele programma heen zijn er ook rustige dagen, zodat we op adem kunnen komen en kunnen wennen aan het hooggebergte.
Reiswijze, accommodaties en maaltijden
Per trein reizen we vanuit Nederland naar Cantabrië. In deze trein zijn couchettes gereserveerd. De volgende ochtend stappen we in Irun op de trein naar Léon, aan de voet van de Picos. Terug reizen we eveneens per nachttrein van Irun naar Parijs, waar we overstappen op de Thalys naar Nederland.
De nachten brengen we door in lichtgewicht tweepersoonstenten die we opslaan op prachtige plaatsen, meestal in de vrije natuur. We zoeken altijd een plaatsje bij een bron, rivier of meertje, zodat een verfrissing mogelijk is. Enkele nachten verblijft u op een camping, o.a. nabij Llanes, aan het slot van de reis.
De maaltijden bereiden we meestal zelf. Het voedsel kopen we in in de dorpjes die we onderweg tegenkomen. Een aantal keren kopen we voor meerdere dagen eten in of maken we gebruik van gedroogde maaltijden, die we vanuit Nederland hebben meegenomen. Soms zoeken we een restaurantje.
Dag 1
In de loop van de middag reizen we per trein naar Parijs, waar we 's avonds op de nachttrein naar Spanje stappen. Overnachting in couchettes.
Dag 2
Na een overstap in het grensstation van Irun, gaat de treinreis verder Spanje in. In Léon stappen we uit en na een busrit van ca. 1,5 uur naar Vegacemeja rijden, het beginpunt van onze trektocht. Onze tenten slaan we op in een prachtig weide.
Dag 3
We lopen rustig in van Vegacerneja naar Pio. Na een eerste klimmetje hebben we uitzicht op de ongenaakbare toppen van de Picos. Een lange afdaling volgt. Struinend door een prachtig beukenbos zoeken we ons een weg. We steken talrijke beekjes over. Uiteindelijk bereiken we het wild reservaat van Riano. Aan het einde van dag slaan we in het kleine dorpje Pio ons kamp op. De bagage wordt per taxi vervoerd.
De lengte van de tocht is 16km, we lopen 7 uur, stijgen 500 m en dalen 850 m.
Dag 4
Van Pio lopen we eerst naar het prachtige plaatsje Oseja de Sajambre. Van daar stijgen we via Soto tussen walnootgaarden naar de bergweiden van Vegabano. Hier zetten we voor 2 dagen onze tenten op. De bagage wordt per taxi vervoerd. De lengte van de tocht is 13 km, we lopen 5 uur, stijgen 600 m en dalen 100 m.
In de namiddag is er gelegenheid voor een korte wandeling naar Rio Dobra.
Dag 5
Vandaag maken we een rondwandeling door het Nationaal Park Covadonga. Vanuit Vegabano bereiken we na een stevige klim het zeer droge karstlandschap van de ongenaakbare bergtoppen van de Covadonga. Het terrein is grillig en moeilijk begaanbaar. In het chaotische landschap zoeken we ons met het kompas in de hand een weg. De regen die hier valt verdwijnt direct in de bodem en lost daarbij de kalk op.
Ondergronds stroomt het water verder in heuse rivieren, die enorme grotten uitslijten. Na verloop van tijd stort een grot in en ontstaat in het aardoppervlak een brede, trechtervormige kuil, doline genaamd. Op onze tocht van vandaag komen we langs enkele flinke dolines. De bodem van de doline is vaak vruchtbaar en net wat vochtiger dan het omliggende land. We vinden er daarom weilandjes en akkertjes. De op 2000 m hoogte gelegen Vega Huerta is zo'n doline. Na daar geluncht te hebben dalen we weer al naar Vegebano.
De tocht is 15 km lang, duurt 8 uur, stijgt en daalt 650 m.
Dag 6
Vandaag doen we het rustig aan. Met taxi's laten we ons rond het middaguur naar Lago Enol brengen, waar we een wandeling maken in de omgeving van het meer. Vanal het meer heben we een imponerend uitzicht over de toppen van het westelijke deel van het massief. 4 uur lopen.
Dag 7
We verlaten het Lago de Ercina en lopen het eerste deel van de dag door een lieflijk landschap met boerengehuchten. We komen door het dorpje Belbin en stuiten dan op de kloof van de Rio Cares. Via een spectaculair pad dalen we af in de kloof en lopen naar het dorpje Cain. We kamperen vlakbij het dorpje.
De bagage wordt per taxi vervoerd. De tocht is 14 km lang, duurt 8 uur, stijgt 400m en daalt 950m.
Dag 8
We maken een korte, eenvoudige tocht naar het dorpje Posada de Valdeon. De rest van de dag kunnen we op de camping uitrusten en wat verfrissen, ter voorbereiding op de trektocht van de komende dagen.
De bagage wordt per taxi vervoerd. De tocht is 11 km lang, duurt 5 uur en stijgt 450 meter.
Dag 9
Vandaag beginnen we aan een vierdaagse trekking met bepakking, dwars door het schitterende gebergte Picos de Europa. We hoeven niet alle bagage mee te nemen. De bagage die we de komende vier dagen niet nodig hebben, wordt naar het eindpunt van de trektocht gebracht. Van Posada de Valdeon lopen we naar de wondermooie Vega de Liordes, een van de mooiste dolines van het gebied.
Er wacht ons een inspannende tocht over grashellingen en rotsen en dringen zo de droge en kale kalkmassieven van de Picos binnen. We kamperen in een prachtige groene bergweide in de doline Vega de Liordes, temidden van ruige hoge kammen.
De tocht is 11 km lang, duurt 7 uur, stijgt 1200 m en daalt 300 m.
Dag 10
We gaan vroeg op pad, want er wacht ons een inspannende tocht. Via de Horcado de Vidrio en de Jou Tras el Pico lopen we naar de berghut Vega de Uriello, een inspannende tocht. Eerst maken we een fikse klim naar de pas Horcados Rojos. We passeren enkele diepe dolines, die we steeds in en uit moeten klauteren. Langs staalkabels dalen we de pas af, een steile en inspannende afdaling die flink wat inspanning zal vergen. Daarna gaan we door een majestueus karstlandschap richting de 2519 m hoge Naranjo de Bulnes. Onderweg kunnen liefhebbers (zonder rugzak) de Tesorero (2570 m) beklimmen. Het is een klim zonder moeilijke passages, naar een prachtig uitzicht over de gehele Picos en Covadogna. We kamperen nabij de hut Vega de Uriello, aan de voet van de indrukwekkende rotspiek Naranjo de Bulnes.
De tocht is 12 km lang, duurt 8 uur, stijgt 900 m en daalt 700 m.
Dag 11
Bij goed weer kunnen de liefhebbers in alle vroegte op weg naar de markante top van de Cerredo. Vanaf deze top heeft men een fraai uitzicht over de grillige toppen van de Picos, en het Cantabrische kustgebied. De klim en afdaling duren in totaal 6 uur, 700m stijgen en dalen.
's Middags dalen we van Naranjo de Bulnes af naar Collada Pandebano. De tocht naar de Collada Pandebano is 9 km lang, duurt 3 uur en daalt 800 meter.
Dag 12
Van Collada Pandebano dalen we via glibberige modder- en klinkerpaden af naar het schilderachtige plaatsje Bulnes, waar we koffie kunnen drinken. Vervolgens lopen we over een klein verhard weggetje verder naar Arenas de Cabrales, waar we 's avonds op een camping de tenten opzetten. Het deel van de bagage dat we niet meesjouwden, staat hier op ons te wachten. We kunnen inkopen doen en weer overpakken voor de volgende trekking.
De tocht is 15 km, duur 6 uur, daling 1000 m.
Dag 13
Nadat we een flinke hoeveelheid drinkwater en de bagage voor twee dagen in onze rugzak hebben geladen lopen we van Arenas de Cabrales, via Arangas naar Najaron. Twee bergruggen die parallel aan de kust lopen, scheiden ons van de Golf van Biskaye. Het lijken heuvels, maar het zijn twee niet te onderschatten obstakels, waar geen wegen doorheen lopen en waar water schaars is.
We gaan vroeg op pad om de middagwarmte zoveel mogelijk te vermijden. De steile en lange klim en de hitte bovenop het plateau, maken dit tot een inspannende dag. Door een prachtig dal klimmen we de eerste bergrug op en komen in een grillig karstlandschap. Vanaf de kam dalen we over met laag struikgewas begroeide en steile helling af. Uiteindelijk lopen we door een dal met enkele oude boerderijtjes naar El Najaron, waar we kamperen.
De tocht is 15 km lang, duurt 9 uur, stijgt 1000 meter en daalt 700 meter.
Dag 14
We vervolgen onze laatste trektocht en lopen van Najaron naar Llanes. We steken de laatste bergrug voor de kust over. Bovenop hebben we een prachtig uitzicht over de kustvlakte, waarop Llanes ligt. Al dalend verandert de begroeiing. Het kalklandschap maakt plaats voor een landschap van zandsteen, hetgeen een zure bodem oplevert. Het resultaat zijn "Hollandse" heidevelden, schraallanden en beneden prachtige groene hooilanden. In de loop van de middag bereiken we Llanes, aan de Costa Verde. De rest van de dag kunt u doorbrengen op een terrasje of in een Biskays caté. Bij mooi weer is een duik in zee mogelijk. We kamperen op een camping, nabij Llanes.
De tocht is 12 km lang, duurt 5,5 uur, stijgt 300 m en daalt 600 m.
Dag 15
Dag ter eigen besteding in Llanes. In de namiddag reizen we per bus naar het grensplaatsje Irun, waar we op de nachttrein naar Parijs stappen. Overnachting in couchettes.
Dag 16 Na een overstap in Parijs rijden we met de snelle Thalys naar Nederland.